10.4.12

Rien van den Berg. Aslander. Barneveld: Plateau, 2012.

Dat de christelijke boekwinkel zijn eigen boekenweekgeschenk heeft, dat wist ik eerlijk gezegd niet. Ik kom, waarschijnlijk tot mijn nadeel, zelden in christelijke boekwinkels en in een boekenweek is dat kennelijk nog nooit gebeurd.

Maar gelukkig heb ik het geschenk dit jaar niet hoeven missen, omdat ik de auteur ken, Rien van den Berg, journalist en dichter en iemand met wie ik een boek over dialecten schrijf. En nu dus ook schrijver van een detectiveverhaal dat 23.000 keer over de toonbank gegaan is.

Het is altijd moeilijk om iets te schrijven over een boek van iemand die ik ken. Soms sla ik dat dan ook weleens over, zo'n beetje de enige boeken die ik hier niet bespreek zijn van kennissen. Behalve dat ik weinig christelijke boeken lees, lees ik eigenlijk ook nooit detectives. Maar gelukkig heeft Rien een onderhoudend verhaal geschreven dat hij ook nog op een overtuigende manier met zijn boodschap - zie de mens, de héle mens, zoals Jezus dat deed - heeft verknoopt.

Er is een grap, ik geloof in De ontdekking van de hemel, dat het evangelie eigenlijk een geniaal detectiveverhaal is - een waarin de lezer het gedaan heeft. Op een bepaalde manier zit dat ook in deze detective, in Aslander. Misschien moet een christelijke detective wel altijd zo zijn: je kunt een ander onmogelijk veroordelen zonder jezelf te veroordelen. 'Wie zonder zonden is, werpe de eerste steen', dat is ook Jezus' boodschap in een notendop (maar wat weet ik ervan).

De jonge progressieve Leidse dominee Lammert Aslander moet er vanwege een lichte overspannenheid even tussenuit. Hij gaat naar Ameland, raakt er verzeild in een moordzaak die hij samen met wat andere toeristen oplost.

De 'boodschap' van Aslander is dat je ieder mens als mens moet kijken. Aslander bedenkt dat hij dominee wil zijn omdat hij dan degene die tegenover hem zit niet hoeft te reduceren tot alleen een verdachte of klant, enz.; en de uiteindelijke dader wordt tot zijn daden gedreven omdat hij nu juist wél gereduceerd werd tot een klantnummer in hun computer. (Het aardige is dat dit verbamd niet expliciet worden gemaakt.) Het 'team Aslander 'komt er vervolgens uit door dit soort klantgegevens te combineren met een aantal andere manieren om naar de mens te kijken. Waar ik nog over moet nadenken: dat je degene die uiteindelijk de dader is alleen van horen zeggen leert kennen. Hij wordt alleen indirect beschreven en geen enkel ander personage kent hem. Ook Aslander niet, ook de lezer niet. Het is alsof iemand die je leert kennen eigenlijk daardoor al geen dader meer kan zijn. Dat lijkt me dan het probleem van de christelijke detective.

Geen opmerkingen: