Doorgaan naar hoofdcontent

Martin Walser. Das dreizehnte Kapitel. Reubek: Rowohlt, 2012.

De liefde van oude mensen heeft altijd iets ontroerends. Althans, de liefde van oude mannen voor jonge vrouwen mag nog weleens wat ongemak bezorgen, maar als de mensen allebei ouder zijn, dan kan het niet op.

Geldt dat ook wanneer de mensen allebei al met iemand anders getrouwd zijn? En gelukkig getrouwd nog wel? Het is slechts een van de vele, vele vragen waarover je kunt nadenken als je Das 13. Kapitel van Martin Walser leest.

Een oudere schrijver raakt tijdens een diner ter gelegenheid van een succesvolle oudere moleculair bioloog gefascineerd door diens misschien wat jongere maar toch ook al rijpe vrouw, een theologe. Hij kan zijn ogen niet van haar afhouden en schrijft haar wanneer hij thuis is. Ze antwoorden hem en ze beginnen, in 2010 en 2011, een uitvoerige correspondentie met een toon die, ook schrijven ze uiteindelijk via de mail, allang vergeten lijkt, al is het maar omdat iedere brief begint met een aanhef en eindigt met een ondertekening.

Is het liefde? Dan toch hooguit in woorden. De twee zien elkaar na dat diner slechts een keer, en dat dan vluchtig én toevallig, op een vliegveld, en ze organiseren in ieder geval niets om meer contact te hebben buiten die brieven. En ze zijn duidelijk geen van plan om hun echtgenoot op te geven, sterker, de correspondentie gaat voor een groot deel over die echtgenoten.

Het is een liefde op papier, en het boek is daarom ook te lezen als een ode aan, en een reflectie op het schrijven. Er wordt ook behoorlijk wat geschreven: de vrouw van Basil (de schrijver) schrijft tv-series voor kinderen en in het geheim een boek (dat Het dertiende hoofdstuk moet heten); de beste vriend van de vrouw (Maja) publiceert een openhartig boek waarin hij al zijn vriendschappen kapot lijkt te willen schrijven.

Maar wat het boek mooi, wat het boek de moeite waard maakt, is vooral de toon ervan, de treurige, elegische toon. Deze liefde is vanaf het begin vergeefs, niemand probeert er wat anders van te maken dan een stapel papier (of een aantal e-mails). De twee geliefden vieren in hun correspondentie het feit dat ze met elkaar een heel ander leven hadden kunnen hebben – of misschien ook niet. Ze vieren dat ze oud zijn, dat alles eigenlijk al bepaald is, en dat er toch nog ergens een andere wereld bestaat: de wereld van de godsdienst, misschien, en zeker die van de literatuur.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…